donderdag, mei 04, 2006

Trans (en Pausdam, Achter den Dom)

Trans, 04-05-2006 Waar Jesse destijds uit het raam heeft gehangen, weet ik niet (zie p. 33; Utrechts Archief nummer 68558), maar ik mocht van de medewerkers van Alta creatieve marketingcommunicatie (Kromme Nieuwegracht 92–94) vanaf de hoogste etage naar buiten kijken. Vanuit het pand, met andere woorden,

dat op den hoek tusschen twee grachten ligt
aan 't plein dat als een zeester in het zand
zijn schachten uitzendt in de mijn der stad.

Vanuit ditzelfde pand, kon de man, van wie Marsman dat verhaal in 1940 vertelde, ook naar buiten kijken:

rechts ziet zijn raam het krimpende gelid
der smalle bruggen de verbinding slaan
naar feodale deuren - een huizenrij
die met zijn kelders in het water staat -,
links raakt het scherend zoeklicht van zijn blik
den top der boomen die geworteld staan
in de verzakte werven van de gracht;
en als een leege krater ligt het plein
in het zieltogend duister uitgespreid
van 't helsche neonlicht der doode stad.

En recht tegenover zich zou hij dan het gebouw op deze foto zien, waar thans onder andere het Onderwijsinstituut Nederlandse Taal en Cultuur van de Universiteit Utrecht gevestigd is. Laat ik daar nou toevallig werkzaam zijn. Niet vandaag. Vandaag had ik vrij. Gelukkig maar: heel mooi weer, net als toen bij Jesse. En ik kon zo de wereld van Marsman even in.

Geen opmerkingen: